Het rapport over armoedebeleid – een waardevol instrument

Bijgewerkt op: okt 5

Vraag het aan ... Jan.


Een maand geleden verscheen de ArmoedeBarometer van Decenniumdoelen, een zeer interessant en leerrijk document. Dit is het soort documenten waar je als politicus iets aan hebt.


Wat is dit armoederapport?

Dit rapport is gemaakt door Decenniumdoelen, een koepel van armoedeverenigingen, vakbonden en ziekenfondsen. Zij ondervroegen de plaatselijke armoedeverenigingen en middenveldorganisaties in 63 verschillende gemeentes. Lede is daar een van.

Het rapport geeft weer hoe – met name – de armoedeorganisaties het beleid rond armoedebestrijding ervaren.


Hoe zit het rapport in elkaar?

Het rapport bestaat uit 2 delen. In het eerste deel bekijkt het rapport de evolutie van de armoede in de gemeente op basis van 16 parameters die allen iets te maken hebben, of iets te maken kúnnen hebben, met armoede.

Het rapport meet (meestal) de periode van 2012 tot 2019, afhankelijk van de beschikbare cijfers.

In dit deel vind je zaken waar een gemeente invloed op heeft, zoals bij voorbeeld het aantal woningen dat wordt verhuurd via een sociaal verhuurkantoor, het aantal sociale woningen en het aantal mensen op de wachtlijst voor een sociale woning, de prijs van kinderdagverblijven, … Je vindt ook elementen waar een gemeente geen rechtstreekse invloed op heeft: invaliditeit, leefloon of langdurige werkloosheid.

Het tweede deel is een checklist, met daarin 69 punten, verdeeld over 10 onderwerpen, om je beleid te toetsen. Onderwerpen zijn: een armoedebestrijdingsplan, onderwijs, opsporen en verhelpen, …

Indien je nog verdere ambities hebt nadat je alle punten op de checklist hebt afgevinkt, kun je nog naar een derde deel gaan – herkansingen – met tips om je beleid verder te verstevigen.


Wat staat er in?

Het eerste deel, puur cijfermatig: de minimale score is -20, de maximale +5. Wij zitten op -1. Cijfers om bij stil te staan zijn het stijgend aantal mensen die nood hebben aan een budgetmeter of een verhoogde tegemoetkoming, en de stijgende wachtlijst voor een sociale woning. Positief is de (prijs van) de kinderopvang, en de werking van het onderwijs. Maar 1 cijfer is ronduit alarmerend. Volgens metingen van Kind & Gezin, leeft op dit moment meer dan 8% van de Ledenaars onder de armoedegrens.

Het tweede deel, puur cijfermatig: Lede kan op 32 van de 69 vragen op de checklist met een ‘ja’ antwoorden. Wij scoren voldoende op 4 van de 10 onderwerpen maar verbetering is ook hier nog altijd mogelijk.

Het rapport zet in op 3 domeinen:

  1. een armoedebeleidsplan: wij hebben geen apart armoedebeleidsplan, maar armoedebestrijding zit stevig verankerd in het algemeen beleidsplan. Bovendien levert het Bijzonder Comité voor de Sociale Dienst, met daarin onze Daisy De Grauwe en Johan De Ryck stevig werk om armoedebestrijding verder te verbeteren en te systematiseren.

  2. een antidiscriminatieplan: hier hebben we nog een weg af te leggen.

  3. proactief werken. Armoede actief opsporen. Ook hier hebben we de laatste jaren onder impuls van het BCSD al serieuze stappen gezet.

Wat staat er niet in?

De cijfers in dit rapport lopen tot 2019. De huidige meerderheid startte in … 2019. Ik schrijf dit niet om verantwoordelijkheid af te schuiven, maar om te zeggen dat we sindsdien al verbeteringen doorvoerden.

Een eerste belangrijke opmerking gaat over sociale woningen. In ons beleidsplan staat dat wij voldoende sociale woningen willen bouwen (het ‘bindend objectief’). De eerste stappen zijn ervoor gezet, maar ze zijn nog niet zichtbaar. Een woning staat er niet van de ene op de andere dag. Ik heb er vertrouwen in dat we de komende jaren resultaten kunnen tonen. Bovendien zetten we ook zwaar in op de promotie van sociaal verhuren. Een systeem waarbij eigenaars hun huis verhuren in samenwerking met een sociaal verhuurkantoor.

Een tweede belangrijke opmerking gaat over inspraak. Verleden maand keurde de gemeenteraad de oprichting van een welzijnsraad goed. In deze raad zullen we het overleg met de lokale armoedeverenigingen kunnen systematiseren. Deze raad bestaat op dit moment nog niet, maar de obstakels om deze op te richten zijn weggeruimd.

Verder zijn er nog belangrijke initiatieven die niet meteen in een dergelijk rapport voorkomen:

  • De werkgroep menstruatiearmoede, een werkgroep over partijgrenzen heen, heeft al enorme stappen gezet om menstruatiearmoede bespreekbaar en bekend te maken. En er wordt al op verschillende plaatsen materiaal verdeeld om vrouwen met armoede-ervaring toch de kans te geven om aan materiaal te raken.

  • Op Wielekes is er voor iedereen, maar het principe van een fietsbibliotheek, waarbij kinderen hun fiets kunnen inruilen op het moment dat ze te groot worden, is ideaal voor mensen met een kleiner budget.

  • De inzamelactie voor laptops en GSM’s voor het Repaircafé.


Wat kunnen we er uit leren?

  • Het eerste wat we kunnen leren is dat de afvinklijst in 2021 al rooskleuriger oogt dan in 2019.

  • Het 2e dat we kunnen leren is dat de checklist een goed instrument is, om ons beleid de komende jaren te verfijnen.

  • Het 3e is dat een gemeentebestuur niet alles kan. Daarom is De Coöperatie meer dan een partij, een beweging. Door onze gele-zakken-actie, door onze aarbeienactie, door onze medewerking aan het Kerstdiner van Curieus, ... kunnen we de mensen ook rechtstreeks helpen, wanneer de politiek haar grenzen bereikt.

  • Het 4e is dat meer dan 8% Ledenaars onder de armoedegrens een afschuwelijk cijfer is.

We moeten de ploeg van schepen van welzijn Geertrui Van De Velde, het BCSD en het OCMW, de op te richten sociale raad en al die andere mensen die bezig zijn met armoedebestrijding, ten volle steunen.


Wil je de ArmoedeBarometer zelf nalezen? Dat kan op: https://www.komafmetarmoede.be/armoedebarometer/de-cijfers/

18 keer bekeken

Recente blogposts

Alles weergeven